Het lijkt me onnodig te zeggen dat een briljante openingszin een verhaal dat andere kwaliteiten mist, niet kan redden. Noch dat je verhaal klaar is voor publicatie op basis van de perfecte opening alleen. Maar in een schrijfmarkt waarin tijdschriften en uitgeverijen grote hoeveelheden inzendingen ontvangen, kan een onderscheidende openingszin helpen om je verhaal eruit te laten knallen. Je moet voor momentum zorgen.

Een meeslepende opening kan dienen als steno voor een heel verhaal. Gekwelde redacteuren die rond de tafel zittend de “crème de la slushpile” beoordelen, kunnen naar je verhaal verwijzen met “De klokken slaan 13….” (George Orwell, 1984). Zelfs nadat de rest van je verhaal uit het bewuste geheugen is verdampt, kan de opening bij de redacteuren blijven hangen. Het wordt een ijzeren pin waaraan ze hun hoed kunnen ophangen. Met een dosis geluk zal het dat effect ook op de lezers hebben.

Mijn eigen favoriete opening is de eerste regel van Elizabeth Graver’s verhaal “The Body Shop”. De opening knalt erin met: “Mijn moeder liet me de ogen uitzoeken.”

Bouw momentum

De belangrijkste hoofdregel voor je openingsregel is dat ze de meeste individuele ambachtelijke elementen moeten bevatten waaruit je verhaal als geheel bestaat. Een openingszin moet een onderscheidende stem hebben, een standpunt, een rudimentair plot en een vleugje karakter. Tegen het einde van de eerste alinea moeten we ook de setting en het conflict kennen, tenzij er een bijzondere reden is om deze informatie achter te houden.

Dit hoeft niet tot omslachtige of complexe openingen te leiden. Eenvoud is genoeg. De openingszin van Flannery O’Connors “A Good Man Is Hard to Find” vertelt de lezer: “Oma wil niet naar Florida.” We hebben een kenmerkende stem – ietwat afstandelijk, misschien ironisch – verwijzend naar oma met een bepaald lidwoord. We hebben een basisplot: een conflict over een reis. En we hebben een gevoel voor karakter: een eigenwijze of vastberaden oude vrouw.

Hoewel we de precieze setting nog niet kennen, kunnen we Italië ten tijde van de Borgia’s, Middeleeuws Amsterdam en het platteland van Twente uitsluiten. Allemaal in acht woorden. Het belangrijkste is dat we richting hebben. De opening van het verhaal leeft. Het is niet statisch.

We hebben ook gelijk een rijtje vragen te pakken: Waarom wil oma niet naar Florida? Waar wil ze dan heen? Wil ze wel ergens heen? Wie dwingt haar naar Florida te gaan en waarom? Een succesvolle opening roept meerdere vragen op, maar geen oneindige hoeveelheid. Een succesvolle opening creëert momentum. Oma wordt overigens in het hele verhaal ‘de grootmoeder’ genoemd.

1 van 10 manieren om je verhaal vol gas te starten: Bouw momentum op
Getagd op:                            

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *