Bij Schrijven.Community hebben we een Masterclass Schrijven ontwikkeld. In de Masterclass kom je er in 12 weken achter hoe je van begin tot eind een boek schrijft. We doen dat volgens de methode van de Reis van de Held.

Deze beproefde methode van de Amerikaanse literatuurwetenschapper Joseph Campbell is de basis van geweldige verhalen. Van Star Wars tot Notting Hill en van de Millennium Trilogie tot The Hobbit.

Doe je mee? Je Held heeft de eerste testen doorstaan en is over de Selectiedrempel gestapt. Je Held komt in een Nieuwe Wereld terecht. Die wereld is onvoorspelbaar, kent nieuwe regels en wetten en kan gevaarlijk zijn.

In de Nieuwe Wereld bouwt je Held aan z’n zelfvertrouwen en ontwikkelt z’n talenten. Hij wordt uitgedaagd en moet leren nederig te zijn. De Mentor kan in deze stap een rol spelen. Met de Masterclass kun jij zelf binnentreden in een Nieuwe Wereld als auteur, of je voetstappen daarin duidelijk achterlaten.

7 Verschillen tussen gepubliceerde auteurs en niet-gepubliceerde schrijvers

Er zijn enkele belangrijke verschillen tussen gepubliceerde auteurs en niet-gepubliceerde schrijvers. Ik schrijf dit ter lering om je zover te krijgen dat je de stap naar auteur gaat zetten. Gepubliceerd en al.

Ik hoor heel vaak mensen roepen “dat ze wel even een boek gaan schrijven”. Dat er vervolgens nooit komt… Om wat voor reden dan ook. Ik heb een aantal verschillen verzameld tussen mensen die gepubliceerd hebben en met mensen die schrijven en niet publiceren. Hou je vast, daar gaan we.

1 – Consistentie

Gepubliceerde auteurs schrijven elke dag of werken volgens een schrijfschema, bijvoorbeeld maandag, woensdag en vrijdag. Ze schetsen meestal eerst de grote lijn. Schrijven is vooral doen. Gaan met die banaan. Of Gas op de Aardbei, zoals we binnen de Masterclass Groep wel eens roepen.

Veel schrijvers die het niet lukt te publiceren, gaan zitten wachten op inspiratie. Ze schrijven sporadisch en dan vaak ’s nachts.

2 – Doel

Gepubliceerde auteurs schrijven om anderen te onderwijzen, te vermaken of te inspireren. Ze schrijven om iets te doen. Ze schrijven om jou een geweldige tijd te bezorgen.

Niet gepubliceerde schrijvers schrijven voor zichzelf. Ze schrijven om iemand te zijn. Er is niets mis mee om voor jezelf te schrijven, zolang je tevreden bent met één, of enkele lezers.

3 – Platform

Gepubliceerde auteurs hebben een platform dat ze beginnen te bouwen jaren voordat hun eerste boek uitkomt. Ze houden het consequent bij, verzamelen fans en delen met hun fans informatie over zichzelf, hun schrijfproces en hun boeken.

Niet-gepubliceerde auteurs hebben weinig of geen platform. Sommigen weten niet eens wat een platform is.

4 – Lezen

Gepubliceerde auteurs lezen boeken over het schrijven en verkopen van boeken. Zij zien lezen als belangrijk onderdeel van het schrijfvak.

Veel (nog) niet gepubliceerde schrijvers klagen dat de uitgeverswereld hun baanbrekende werk negeert en gaan in een hoek zitten mokken.

5 – Werk

Gepubliceerde auteurs weten dat hard werken het verschil maakt tussen Geweldig en Knudde. Ze weten dat ze aandacht van de branche moeten verdienen door trouw te zijn in de kleine dingen (recensies, tweets, bloggen, tijdschriftartikelen).

Sommige niet gepubliceerde schrijvers zijn van mening dat ze de volgende schrijfkoning of schrijfkoningin zijn die erop wacht om ontdekt te worden. De nieuwe Mulisch, Tartt, King of Larson.

6 – Website

Gepubliceerde auteurs hebben een website www.hun-naam.nl. Dit is de basis voor hun mailinglijst, contact met fans en verkoopkanaal.

Niet gepubliceerde schrijvers werken vaak met een gratis blog die ze zelden bijwerken.

7 – Marketing

Gepubliceerde auteurs zien marketing als onderdeel van hun missie om anderen te vermaken, te helpen en te inspireren. Ze zien het als een integraal onderdeel van hun vak als schrijver.

Niet gepubliceerde schrijvers zien marketing als de taak van hun uitgever. Deed ik ook in het begin. Maar hé, we zijn de tijd voorbij dat er wereldwijd 300 boeken per jaar werden uitgegeven. In de Nederlandse schrijfmarkt verschijnen er 25.000 per jaar. Als jij jezelf niet op de kaart zet, doet niemand het voor je.

Het gaat erom dat je schrijft

In interviews lees je vaak dat schrijvers zich opsluiten, afzondering nodig hebben. Het tochtige zolderkamertje. Het Kleine Huis op de prairie, of een werkkamertje in Nergenshuizen.

Ik ben wat dat betreft een vreemde. Ik schrijf overal, als de koffie maar smaakt. In afzondering mijn Magnum Opus schrijven is niet mijn ding. Ik schrijf lekker met mensen om me heen.

Ik schrijf verhalen. Verhalen die mensen raken. Dat vind ik belangrijk. Je vindt ze mooi of lelijk, het raakt een snaar, of juist een irritatie. Maar verhalen, of thrillers, of de bouquetreeks zijn hard nodig.

Het maakt niet uit waar je schrijft, of je met potlood of toetsenbord schrijft, of je veel of weinig schrijftraining hebt gehad, of je een kluizenaar bent, of juist in de MacDonalds je beste werk schrijft.

Het gaat erom dat je schrijft! Dat je je ziel en zaligheid in je verhaal kwijt kunt, of in je boek. Het zo goed mogelijk willen doen. Het allerbeste verhaal uit jezelf halen dat in je zit. Dat willen we bereiken met de Masterclass Schrijven 2.0.

Dat is het ‘Het Nieuwe Schrijven’. Je werkt in jouw tempo, schrijft jouw verhaal en traint je schrijfspier zelf. Het Nieuwe Schrijven past perfect bij de Nieuwe Wereld en het Nieuwe Werken. Lekker open, individueel en samen op afstand.

De allerbeste schrijftraining

De allerbeste schrijftraining bestaat natuurlijk niet en de allerbeste schrijftrainer ben jezelf. Hoe meer je schrijft, hoe meer schrijftechnieken je kent, hoe beter je wordt als schrijver.

Schrijven is net sport. Roger Federer had ook wat trainingsarbeid achter de rug voor hij de nummer 1 tennisser van de wereld werd. De beste schrijftraining is… schrijven.

Lees, Lees, Lees

Goede schrijvers lezen veel. Uit alles wat je leest, kun je inspiratie halen. Leer van de stijl van andere schrijvers. Leer van hun foutjes en vergeet perfectie. Natuurlijk zijn we allemaal op zoek naar de perfecte openingszin. Maar weet je, perfectie bestaat niet.

Accepteer dat gewoon. Het beste is de vijand van het goede. ‘Geschreven’ is beter dan ‘niet geschreven, want ik kreeg het niet perfect’.

Maak je schrijftechnieken eigen. Met de juiste schrijf- en redactietools in je arsenaal wordt schrijven een spel. Hoe makkelijker je schrijft, hoe leuker je het vindt. Zo zitten wij mensen in elkaar. We willen graag ergens keigoed in zijn. Dan gaan we het nog vaker doen en worden we er steeds beter in.

Goede voorbeelden? Wilbur Smith schrijft elke dag van 10.00 tot 16.00. Hij is bijna 90 jaar. Karin Slaughter sluit zich 14 uur per dag op in haar schrijfschuur. Tomas Ross heeft een boek teruggetrokken voor publicatie. Hij was er niet tevreden over. Hij heeft er een jaar voor uitgetrokken om het te herschrijven.

Leesbaarheid, woordkeuze, thema en interpunctie zijn belangrijk natuurlijk. Hou in gedachten dat je van ‘regeltjes stampen’ geen betere schrijver wordt. Op jouw manier naar jezelf en de wereld kijken, is veel belangrijker.

Oefen en maak je zoveel mogelijk schrijftechnieken eigen. Oefen als het jou uitkomt. Hoe meer schrijftechnieken je beheerst, hoe makkelijker het schrijven wordt en hoe meer lol je erin hebt.

De wijsheid der groten

Ik wil graag eindigen met schrijftips van de allergrootsten, soms aangevuld met commentaar van ons. Schrijvers van bestsellers zijn best scheutig met het geven van schrijftips. Dat doen ze uit liefde voor het vak van schrijver. Want, hoe meer bestsellers er geschreven worden, hoe beter het is voor iedereen.

Elmore Leonard

“Als het klinkt alsof het geschreven is, herschrijf ik het”.

De beste manier om te testen of iets “geschreven” klinkt, is door het hardop voor te lezen. Test het bij je eigen schrijfwerk. Klinkt het lekker?

Janet Fitch

“Schrijf de zin, niet alleen het verhaal”.

Kijk naar je zinnen, speel ermee, zorg ervoor dat er muziek in zit, veel randen en hoeken. Lees je werk hardop voor en probeer op elke manier je gevoeligheid voor het geluid, het ritme en de vorm van je zinnen te verhogen.

De muziek van woorden. Zoals Bløf anders klinkt dan De Dijk.

Toni Morrison

“Het vermogen van schrijvers om te verzinnen wat buiten hun “zelf” ligt, zich bekend te maken met het vreemde en het bekende te mystificeren, is de test van hun kracht”.

Janet Fitch

“Kies voor het beste werkwoord”.

De meeste mensen gebruiken twintig werkwoorden om alles te beschrijven, van een ladder in hun kous tot de explosie van een atoombom. Je kent ze: Was, deed, had, maakte, ging, zag eruit… Eenheidsworst waar niemand op zit te wachten.

Jij bent de kleermaker van James Bond. Naai een pak op maat. Kies het beste of sterkste werkwoord voor de situatie. Ga de uitdaging aan om ervoor te zorgen dat alle werkwoorden je verhaal naar een hoger plan tillen. Het gaat om de details.

George Orwell

“Schrijf geen tegeltjeswijsheden, gebruik nooit een lang woord als er ook een kort woord voor is en als je iets kunt schrappen, schrap het”.

Schrijven is schrappen en hoe meer je schrapt, hoe beter vaak je verhaal. Schrijf de essentie, de noodzaak. Tierelantijnen hang je maar op in de kerstboom.

Kurt Vonnegut

“Gebruik de tijd van de lezer zo dat hij achteraf niet het idee krijgt dat het verspilde tijd is. Geef hem of haar in elk geval één karakter waar hij van kan houden. Elke zin moet een van de volgende dingen doen: de actie een stap vooruit laten gaan of iets over een karakter zeggen”.

Janet Fitch

“Variatie is de sleutel”.

Veel mensen schrijven telkens dezelfde zinnen. Hetzelfde aantal woorden – zeg, 10 – 12, of 12 – 14. Dezelfde zinsstructuur. Probeer je schrijfwerk op te rekken – als je meestal 8 woorden schrijft, gooi er eens een zin van 20 woorden in, en een paar korte van drie woorden.

E.L. Doctorow

“Een boek schrijven is als ’s nachts autorijden. Je kunt niet verder kijken dan je koplampen. Toch kun je zo wel je hele reis afleggen”.

Maak een boekplan en een schrijfplan. Schrijf bijvoorbeeld eerst de synopsis voor je aan je boek begint. Begin bij het einde. Als je het einde kent, hoef je alleen nog maar een beginpunt te kiezen. Het zorgt voor overzicht en houdt je schrijffit.

Janet Fitch

“Maak gebruik van het landschap”.

Vertel ons altijd waar we zijn. Vertel ons waar iets is en zorg dat het je verhaal vooruit helpt. Beschrijf landschappen om de emotionele toon van de scène te bepalen. Houd bij hoe andere auteurs stemming vastleggen en gebeurtenissen voorspellen door de wereld rondom het personage te beschrijven.

Stephen King

“Kill your darlings, zelfs als het je egocentrische kleine schrijvershartje breekt, kill your darlings”.

Het kan niet vaak genoeg herhaald worden: alles wat in de weg staat van het succes van je verhaal moet sneuvelen. Verplicht. Zonder tegenspraak. Teveel manuscripten sneuvelen op kopjes koffie op de eerste pagina en breedsprakigheid. Wees hard voor jezelf en je karakters.

Bewaar wat je geschreven hebt wel, misschien kun je het ooit nog gebruiken in een ander verhaal.

Erica Jong

“Het moeilijkste is in jezelf blijven geloven terwijl je in de kladblokfase zit. Het is hetzelfde als ’s morgens wakker worden en je dromen geloven”.

Schrijven is een kwestie van een lange adem. Meters maken. Hoe meer je schrijft, hoe natuurlijker het wordt en hoe makkelijker het gaat. Ook met een maagdelijk kladblok voor je neus.

Maya Angelou

“Wat ik probeer te doen is schrijven. Het kan best zijn dat ik twee weken ‘De kat zit op de mat, dat is dat, geen rat’ schrijf. En dan kan het wel de meest saaie onzin zijn, maar ik probeer het. Als ik schrijf, dan schrijf ik. Vaak is het dan zo dat de inspiratie ervan overtuigd raakt dat ik serieus ben en zegt ‘Oké, oké, ik kom eraan’”.

Meters maken dus (alweer en nog steeds).

Janet Fitch

“Leer een dialoog schrijven”.

Doe het. Bestudeer schrijvers als Robert Stone en Joan Didion. Compressie, zo weinig mogelijk zeggen, zorgen dat alles veel meer gewicht krijgt dan er eigenlijk wordt gezegd.

Conflict. Schrijf dialogen als onderdeel van een voortschrijdende wereld. Zeg nooit het voor de hand liggende. Sla de ‘hallo’ en ‘tot ziens’ over. Zie ook onze Module over Dijken van Dialogen.

Neil Gaiman

“Als mensen je zeggen dat iets niet goed is, of voor hen niet werkt, hebben ze bijna altijd gelijk. Als ze je precies vertellen wat er volgens hen niet goed is en hoe je het moet veranderen, hebben ze bijna altijd ongelijk”.

Janet Fitch

“Schrijf in scènes”.

a) Een scène begint en eindigt op dezelfde plaats: de Aristotelische eenheden van tijd en plaats (daar heb je hem weer).

b) Een scène begint emotioneel op één plaats en eindigt emotioneel op een andere plaats. Begint boos, eindigt beschaamd, of begint verblind door liefde en eindigt in walging.

c) Er gebeurt iets in een scène, waarbij het personage niet terug kan naar de voorgaande situatie. Zorg ervoor dat je een scène beëindigt voordat je doorgaat naar de volgende. Zorg dat er iets gebeurt. Als er niks gebeurt, wordt het een verrekte saai verhaal.

Stephen King

“Als je schrijver wilt zijn, zijn er twee dingen die je absoluut moet doen. Veel lezen en veel schrijven”.

Het wordt misschien saai, maar als meerdere grote schrijvers het zeggen zou het best kunnen kloppen. Je moet aan de bak. Zitten en schrijven. Met je kladblok of met je laptop of hoe dan ook. Lezen ook, blijf lezen om een ander deel van je hersenen te stimuleren. Grootmeester King schrijft elke dag minimaal 2500 woorden.

John Steinbeck

“Als je dialoog schrijft, spreek deze dan tijdens het schrijven hardop uit. Alleen dan krijgt het de toon van een gesprek”.

Een goede tip omdat je gebruik maakt van meerdere zintuigen om je verhaal of dialoog zo perfect mogelijk in elkaar te steken. Je oren horen vaak anders dan het geluid dat je in je hoofd ‘hoort’.

Edgar Allan Poe

“Een kort verhaal moet één enkel effect hebben en elke zin moet daar aan meebouwen”.

Met andere woorden, probeer niet teveel te vertellen. Zeker in een kort verhaal is het belangrijk dat je focus aanbrengt in je schrijfwerk.

Janet Fitch

“Martel je hoofdpersoon”.

Als schrijver ben je sadist en masochist tegelijk. Je creëert mensen van wie je houdt en martelt ze daarna. Hoe meer je van ze houdt, en hoe slimmer je ze martelt langs de lijnen van hun grootste kwetsbaarheden en angsten, hoe beter je verhaal.

Soms wil je ze beschermen tegen al te grote blunders. Laat dat! Het is je hoofdpersoon, niet je kind. Hun leven zit in jouw pen.

In de Masterclass Schrijven 2.0 brengen we je de fijne kneepjes van het schrijfvak bij. Vooral de zoom-sessies met Marlen zijn echt een inspiratie.

Laatste update 8 november 2021 door Edwin

De Nieuwe Wereld

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *